-
- Ottodebeste 说...
-
- 用户
- 2009年 9月 10日, 14:16
Wat gebeurt er wanneer het toeval geëlimineerd wordt?
We bevonden ons vijf minuten in de bus die ons via autosnelwegen naar het hotel vlak naast de Ionische Zee zou brengen.
"Vreemd", zei Thomas. "Het is moeilijker om de trein naar Brussel te nemen dan om te reizen naar Sicilië.".
De autosnelwegen te Sicilië leken verdacht veel op die van België. De temperatuur van de autobus bevond zich op 21°C, net zoals de temperatuur van het vliegtuig op 21°C plafonneerde en - hoewel ik het niet echt naging - ik ben er zeker van dat de temperatuur van het hotel ook rond dezelfde temperatuur schommelde. Air-conditioning, weet u wel.
We willen op reis, maar het mag niet te voel kosten en we willen vooral ons comfort behouden - waardoor we het contact verliezen met de werkelijke temperatuur buiten. Ofwel trekken we "onvoorbereid" op reis en maken we er een heuse trektocht van en accentueren zo hard onze heldendaden dat de reis eigenlijk een excuus is om te accentueren wat voor een onversaagde reizigers we zijn. We vragen ons af: "Wat zijn we nu: toerist of reiziger?"
Toerist zijn we. Dat wordt hard benadrukt door het bezoek van de hostess van de reisoperator:
"Italiaans is een mooie taal - maar onze Nederlandse taal is nog véél mooier."
Er wordt ons een voordeel kaart uitgereikt. Suggesties worden gedaan waar fijne cocktails kunnen worden bekomen. De ongetwijfeld esthetisch verantwoorde Hongaarse meisjes vragen hongerig waar kan worden gedanst. Ik voel me een soort verrader ten opzichte van Thomas. Dit was niet het soort reis dat ik in gedachten had.
De onrust wordt groter wanneer ik 's avonds mag aanschuiven aan tafel. Afgevlakte smaken. Net zoals de temperatuur in autobus, vliegtuig en hotelreceptie identiek was - zo lijken bijna alle groenten en fruit qua smaak op mekaar. Ik lijk wel in het liedje Shangri-La van The Kinks terechtgekomen:
"And all the houses in the street they look the same.
Same chimney pots, same little cars, same window panes.
The neighbours call to tell you things that you should know
They say their lines, they drank their tea, and then they go."
Die avond wordt ons gevraagd door meegereisde Belgen ("We hoorden jullie Vlaams (sic) praten") wat we morgen doen. Het vreemde is: bij het vertrek had ik allerlei bestemmingen in mijn hoofd opgeslagen (Palermo! Agrigento! Piazza Alermina!) - maar ik ben danig murw geslagen door het steriel aandoende hotel dat ik pardoes al mijn potentiële reisbestemmingen vergat.
Maar de mensen kijken en ik zeg beslist: "Siracuse". Thomas kijkt me vreemd aan:
"Ik wist niet dat we Siracuse gingen bezoeken."
waarop ik moet antwoorden met "Ik ook niet."
De dag erna mogen we ons huurwagen ophalen. We hadden een driedeurs Ford Focus gevraagd - maar het lot (toeval of zullen we het omschrijven?) deelt ons een Ford Focus stationwagon toe:
Geen cabriolet waarmee je over avenues kunt flaneren. Geen handige micro-wagen. Geen tactiele sportwagen. Maar een godvergeten banale break waarmee bakkers hun brood afleveren en 35-jarige moeders 's avonds hun vriendinnen opzoeken om over de nieuwste breitechnieken te keuvelen. Dat soort auto.
De sulligheid kikkert me vreemd genoeg op. Na het obligate aanklooien (ik kreeg welgeteld één gebruikstip: "Here you can turn on the lights.") vinden we onszelf terug op weg naar Messina.
De eerste twee uur sterf ik meer dan een kat levens heeft (want Italianen rijden met de auto zoals hun cappuccino smaakt: hard en fier) - maar dan gebeurt *het*. De zon weerspiegelt in de duifgrijze lak van de wagen, de wind van de Ionische zee slaat binnen in het interieur, de snedige bochten volgen elkaar op en plotseling zijn we geen toerist maar reiziger.
Hoe het graf van Archimedes eruit ziet in Siracuse, géén idee. Maar ergens tussen Catania en Siracuse bevinden we ons en de tijd bestaat even niet. Ik denk terug aan het boekje van Kees Fens waarin ik de avond daarvoor las:
"En beeldspraak verenigt maar houdt ook gescheiden. Zolang de tijd duurt. Misschien is eeuwigheid wel de opheffing van alle beeldspraak."
Het leest misschien wat academisch - maar daar in die duifgrijze Ford Focus langs de Ionische zee had ik een uur of twee lang geen zin om ook maar iets te zeggen over wat ik nu exàct voelde bij de cocktail van Ionische zee, wegen die leken op vrouwenharen gedrapeerd over een bordeaux wintertrui en een azuurblauwe hemel. Het voelde goed en dat was dat.
En ja - ik ben heus tevreden dat ik uiteindelijk het graf mocht zien van Archimedes en braafjes afdrukte om mijn fotootje te bekomen voor mijn ouders thuis. Dat was het resultaat van onze reis - maar eigenlijk was het verwezenlijken van dat resultaat (wel een beetje een kil woord, ik weet dat) het grote cadeau dat Sicilië ons schonk.
De daaropvolgende dagen deden we lukraak koffiebars aan, bezochten relikwieën van het Griekse en Romeinse verleden. Onderweg naar Enna reden we onszelf figuurlijk verloren in een woestijnachtig landschap - de treinen die er ooit reden waren waarschijnlijk ondertussen allang weggeroest in een vergeten schuur. Want de treinstations waren verlaten en de huizen van de laatste bewoners dichtgetimmerd.
Ook hier weer Kees Fens:
"Een stilleven laat de dingen in hun zuiverste staat: in zichzelf gekeerd, vergeestelijkt en met die geest de vorm vullend. Een functie hebben ze niet meer; ze zijn er alleen nog als de idee van zichzelf, of het nu een vaas of een vrucht is. Ze zijn overgegaan in een hogere orde."
Diezelfde dag merkten we langs de weg verschillende Afrikaanse vrouwen op. Onder een paraplu gezeten, vergezeld van een fles water. Netjes gerangschikt als preiplanten langs de weg. Aanvankelijk leefden we in de veronderstelling dat ze meloenen of iets dergelijks verkochten. Maar de dikke lagen fond de teint en zwaar aangezette eyeliner wezen eerder in de richting denken van gratuite pleziertjes op de achterbank van een Fiat Punto of Lancia Delta. Globalisme: we vrijen in het geheim met meisjes die geen woord kunnen uitbrengen in onze taal - dus kunnen we rustig loos gaan op die vrouwen. It's a free world.
Diezelfde dag belandden we - o ironie - in een koffiebar genaamd Café Casanova. Drie Italiaanse kerels slurpten er zuinigjes van hun cappuccino's en onderzochten steels met hun kijkers de rondingen van de voorbij wandelende vrouwen. De blikken leken mij niet bewonderend, maar eerder monsterend - er leek een soort van mechanisme achter schuil te gaan.
Die avond hielp Charles Bukowski me bij het samenvegen van mijn losse, slordige gedachten in mijn lodderige hoofd:
"He grabs me by the shirt and starts to rip my shirt. I hit him in the face but he keeps ripping at my shirt. I hit him again and again, but he doesn't seem to feel anything. The Rams are still on tv. I step back from the door and his wife runs up, she grabs me and starts to kiss me. I don't know what to do. I try to push her off but can't. Her mouth is on mine, she's as crazy as he is. I begin to get a hard-on, I can't help it. She tastes like boiled unions and her tongue is fat and full of saliva ..."
Bukowksi schrijft over lust. Het resultaatgerichte mechanisme van de lust. Kort door de bocht gegaan: de blik van die jongens in café Casanova had verdacht veel weg van het airconditioning-effect. De vrouwen werden losgekoppeld van hun persoonlijkheid - het karkas bleef. Overal dezelfde temperatuur, overal dezelfde beweging tussen de lakens.
Ik kan blijkbaar enkel impressies geven - het grote verhaal moet me ergens ontgaan zijn tussen Brussel en Sicilië, mensen ;-)
-
- Ottodebeste 说...
-
- 用户
- 2010年 7月 4日, 19:06
De vrouw van het hotel bood ons drie gratis glaasjes water aan. Ik tuurde de omgeving af en zag tegen de muur foto's van Bourvil. Uit de uitleg die mevrouw ons gaf kon ik opmaken dat Bourvil er ooit gelogeerd had. Deze vakantie kon simpelweg niet mislopen - want Bourvil was ons voor geweest:
Hoe vaak heb ik Bourvil "je m'excuse!" horen zeggen in de film "La Grande Vadrouille"? Hoe vaak ik hem zijn Citroën 2CV zien te pletter rijden tegen de Rolls Royce van Louis de Funès in "Le Corniaud"? Laat ik het houden op het neutrale "ontzettend veel". Ik was Bourvil even kwijtgespeeld tijdens de tienertijd - maar toen ik een jaar of vijf opnieuw "Le Corniaud" zag - snapte ik terug waarom ik die film als tienjarige ooit 'ns drie maal opnieuw bekeek na mekaar. Een soort niet-agressieve grappigheid. Misschien wou Bourvil de mensen gewoon vermaken.
Bovendien bracht Bourvil ook nog 'ns van die prachtliedjes. Een paar titels: "Fredo Le Porteur", "C'est Une Gamine Charmante" én boven alles natuurlijk "Les Haricots".
Zeg nu zelf - hoe kun je niet houden van iemand die liedjes zingt over sperziebonen, de hik en potloden?
Maar hoe waren we eigenlijk terechtgekomen in de Vogezen? Omdat ik het idee was toegedaan dat in dat middengebergte wel een rijke vegetatie moest aanwezig zijn (overvloedige regen, weet u wel) en (hoofdreden) omdat ik nu eenmaal die "bossen"-obsessie met mij meedraag.
"Vreemd toch, hoe mensen houden van landschappen waarin de mens zo klein wordt."
zei mijn vader vanop de achterbank, onderweg naar La Bresse. Een gemeente (want de Vogezen werden pas Frans grondgebied nadat in Frankrijk de revolutie was losgebarsten. Ze hinkten achterop in de Vogezen) die in de periode voor de 19de eeuw bestuurd werd noch door de clerus, noch door de adel. De rechtspraak vond er plaats onder een linde. Kan het mislopen in zo'n gemeente?
Neen dus. De eerste middag trokken mijn ouders en ik naar het lokale restaurant. Een wasdraad bengelde er tussen privé-vertrekken en eetruimte. Een familiefeest was aan de gang, de hond van de bewuste familie was meegekomen en drentelde vrolijk rond in het restaurant. In dat soort gemoedelijkheid smaakt eten àltijd.
De Vogezen herbergen ook het Franse nationale automuseum. In Mulhouse ("het Franse Manchester") zijn er om en bij de vierhonderd auto's terug te vinden - en 166 van die auto's zijn Bugatti's (een auto die trouwens ook al werd geproduceerd in de Vogezen).
Eerst en vooral is er die Bugatti-kleur: dat felle azuurblauw. Vervolgens is er die o-zo prachtige techniek van Bugatti: een zescilinder met amper 1000 cc die ingezet kon worden voor veeleisende Grand-Prix'. Lichte, tactiele auto's die met chirurgische nauwgezetheid in elkaar geschroefd werden. Niets krachtpatserij.
Het museum te Mulhouse herbergt ook twee exemplaren van de Bugatti Royale (zes exemplaren werden geproduceerd):
Een contrast was nauwelijks groter. De Royale herbergt een achtcilinder met ... ahum ... ongeveer 13,000 cc, weegt om en bij de 3170 kg en haalde een topsnelheid van om en bij de 180 km/u.
Mijn vader (nauwelijks onder de indruk van iets met vier wielen) begon zelfs even te stamelen:
"Wat is dit voor een auto?"
De Royale is eigenlijk geen auto. Het is een soort rijdend monument. Maar het is ook verdraaid moeilijk om iets te voelen van genegenheid (als dat al kan voor iets mechanisch) voor de Royale. De auto is simpelweg té overweldigend.
Geproduceerd tussen 1927 en 1933 is ook moeilijk de Royale los te denken van de toenmalige mondiale crisis. Een gigantische, onmogelijke auto die de voorbode was van de recessie. Denk vijfenzeventig jaar verder en je ziet de Bugatti Veyron. De auto van 400 km/u. De auto die één miljoen euro moest kosten. Twee jaar na de Veyron ging de financiële markt opnieuw overkop.
Toch merkwaardig hoe een auto zoveel zegt over de tijd waarin hij geproduceerd werd.
Terugrijdend naar La Bresse ga je denken: "Eigenlijk is het logisch dat de Vogezen een atypische autoconstructeur opleverden". Sporen van grootschalige industrie zijn er niet bekennen (behalve te Mulhouse dan) - je rijdt van dorp tot dorp. Communicatie moet er niet altijd een evidentie geweest zijn.
Eigenlijk vallen de Vogezen het best te vergelijken met een trotse dame die geconfronteerd met roddels over haar persoon antwoord met: "Et Alors?". De Vogezen blijven onbewogen, soms leek het wel alsof er een stolp boven dat middengebergte rust. Restaurants sluiten er wanneer de familie van de restauranthouder spontaan opduikt:
"Aujourd'hui - pas de commerce, monsieur. C'est déjà longtemps que j'ai rencontré ma famille"
En je accepteert dat simpelweg. The Byrds zongen ooit: "She don't care about time". Denk dat best wel 'ns over de Vogezen zou kunnen gaan :)
-
- The Scientist 说...
-
- 用户
- 2010年 7月 16日, 0:19
-
- Ottodebeste 说...
-
- 用户
- 2010年 9月 6日, 21:31
Wie speelde vroeger met Lego City? Door grijze - van rijvakken voorziene - vierkanten aan elkaar te klikken bekwam je een stratenplan.
Ik moest eraan denken toen ik met Thomas en Tom door de straten van New York wandelde. Kaarsrechte avenues, bochten van 90 graden. Legoland.
Wat is het toch met die V.S.? Op iedere vorm van voedsel of drinken kun je lezen hoeveel calorieën het bevat. Een standje met groenten en fruit heet er een "health food stand". Op het portier een vuilniswagen kun je er niet minder dan vier (!) veiligheidswaarschuwingen lezen.
"Americans drink a lot of coffee. It's good for you"
Carnegie Deli. Tussen de 54 & 55ste straat. Woensdagochtend. Een vrouw van rond de zeventig komt voor de tweede maal koffie opgieten. Op de luchthaven van Newark was ons ook al een pensioengerechtigde man opgevallen die harkerig tafels afruimde. American dream, weet u wel.
Die Carnegie Deli is trouwens het soort diner waar een sfeer hangt die het McCafé probeert te suggereren. Grappig: een multinational die de gezelligheid voorwendt van een lokale diner, maar waar wél een bordje hangt waar op te lezen staat:
"Maximum time for lunch: 30 minutes"
Je hoort wel eens dat New York mensen uitput. En jawel - na drie uur en een half wandelen door Manhattan ("Kijk - daar wandelden Woody Allen en Mia Farrow rond in "Manhattan"/"Kijk - daar reed Diane Keaton met haar V.W. Kever cabriolet Woody Allen bijna overhoop in "Annie Hall") is het vat plots *af* - maar écht af. Ondertussen zagen we hoe honderden mensen hoopten op vijftien seconden roem: één of andere jeansfabrikant projecteerde midden Times Square foto's van passanten op een billboard:
"Get your fifteen seconds of fame now!".
Het is best grappig (er is heel wat lolligs aan New York :) ) hoe er geadverteerd wordt te New York. Wanneer je ogen kruisen met een passant duwt die meteen een flyer in je handen voor een bike ride, een pizza of een rondrit. Je kan volstrekt passief rondwandelen in New York én toch de dag van je leven hebben. Iedereen biedt zich aan om je te voorzien van entertainment.
Zelden tot nooit werden we ooit meer aangesproken of we money wilden saven:
"Get your discount here!", "Free Money", "Earn money while eating", ...
de advertenties vliegen je rond de oren. Nu zou je dit irritant kunnen vinden - maar wanneer je er in ondergedompeld wordt is het alsof je live in the fast show terechtkwam. Het is een soort overtreffende trap van ironie.
Aangezien je niet al te vaak terechtkomt in N.Y. deden we in één week zowel het MoMa, het Metropolitan, het new museum of contemporary art en de Neue Galerie aan. Nogal wat - vooral omdat je waarschijnlijk een volledige week kunt verdwalen in het Metropolitan.
Nooit geweten trouwens (sjonge, wat leerde ik véél dingen kennen tijdens een weekje New York) dat ze in het MoMa zo'n schandalig uitgebreide fotoverzameling bezaten:
"Is 't al? Zoiets kan ik ook maken!"
En toch - wanneer je d'er voor staat - magie (het betreft hier trouwens een foto van Margaret Moulton). In 't MoMA kwam ik trouwens oog in oog te staan met "Sterrennacht te Saint-Rémy" van Vincent Van Gogh (heeft ooit wel 'ns dienstgedaan in de reeks "Boy meets world" dacht ik - kijk 'ns aan - als dit geen interessante wetenswaardigheid is - en volledig gratis verstrekt :) ).
Ergens in Chinatown (vraag me niet meer hoe we er raakten - want blijkbaar liep meneertje geluk de volledige tijd aan onze zijde) vonden we het new museum for contemporary art en daar vond toevallig een expositie plaats van ene Brion Gysin:
[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=HOZh7oSUY30&feature=related[/youtube]
De man probeerde in de jaren zestig met William S. Burroughs een soort van derde taal uit te vinden - schier onverstaanbaar, totaal nutteloos. Perfect dus :)
Ik ga jullie nu maar met rust laten ;-)
Toeval, of "in welk topic zal ik dit eens dumpen", of het "moet je nou toch eens horen"-topic